Lingeriebedrijf Van de Velde met hoofdkantoor in Schellebelle boekte in 2016 een omzet van 206,6 miljoen euro. Dat betekent een lichte daling (-1,1%) ten opzichte van de 209 miljoen euro in 2015. De Belgische lingerieproducent is er daardoor niet in geslaagd om voor het 19de jaar op rij te groeien. De omzet bij constante wisselkoersen bleef wel stabiel. Het nieuws zorgde er maandag meteen voor dat het aandeel van Van de Velde op de beurs in Brussel bijna 4 procent verloor.

Het moeilijke retailklimaat en de nakende brexit hebben het Belgisch lingeriebedrijf met de merken Marie Jo, PrimaDonna en Andres Sarda vorig jaar naar eigen zeggen parten gespeeld. Toch stegen de inkomsten uit de groothandel, de belangrijkste activiteit van Van de Velde, met 3,4 procent. Ook de Europese retailactiviteit deed het met een groei van 3,5 procent goed.

In de Verenigde Staten worden alle positieve cijfers van Van de Velde onderuit gehaald. Daar daalde de omzet van Rigby & Peller, de Amerikaanse retaildochter, met maar liefst 20,2 procent ten opzichte van 2015. Die doet het al jaren minder goed. Van de Velde nam lingerieketen Rigby & Peller, toen nog bekend als Intimacy, in 2007 over. Vorig jaar volgde een ingreep met een rebranding en een aantal winkelsluitingen. Momenteel heeft Van de Velde nog twaalf eigen winkels van Rigby & Peller in de Verenigde Staten.

Het Oost-Vlaamse bedrijf werd in 1919 opgericht door Achiel en Margaretha Van de Velde. Enkele maanden geleden volgde Erwin Van Laethem bij Van de Velde Ignace Van Doorselaere op als ceo. De volledige resultaten voor het boekjaar 2016 worden op maandag 20 februari bekendgemaakt en toegelicht.