Melkveebedrijf De Boey vindt tweede adem dankzij artisanaal ijs

Melkveebedrijf De BoeyNu de melkprijzen onder druk staan, is het voor veel melkveeboeren moeilijk om het hoofd boven water te houden. Op zoek gaan naar nieuwe activiteiten blijkt vaak de enige remedie. Melkveebedrijf De Boey bijvoorbeeld probeert met huisbereid ijs zichzelf lokaal opnieuw op de kaart te zetten. Op 12 april opende de familie De Boey de deuren van haar ijshoeve.

24 jaar geleden stampte Marc De Boey zijn melkveebedrijf op de Groenendyck in Sint-Gillis-Waas uit de grond. Omdat de inkomsten onzeker waren, ging zijn vrouw Christine in de loop der jaren bij de plaatselijke bakker bijklussen. Maar toen ze vier jaar geleden een ongeval had en minder mobiel werd, kon ze die job niet langer uitoefenen. Marc De Boey: “En dus moesten we op zoek naar een alternatief. Toen groeide het idee van de ijshoeve. Onze dochter Liselotte zag er ook wel brood in en ging samen met mijn vrouw de cursus ijsbereider volgen.”
Vervolgens experimenteerden de vrouwen twee jaar lang met allerhande smaken. Dat leidde tot 15 unieke recepten. Marc De Boey: “We kiezen voor natuurlijke producten en proberen de E’s en de A’s zoveel mogelijk achterwege te lagen. Bij ons proef je de aardbeien op je tong. En we gebruiken uiteraard dagverse melk. Daarmee maken we het verschil met het ijs uit de winkel dat vaak op basis van poeders bereid is. Ook al is het veel meer werk, we willen het graag zo houden. We voelen dat klanten die authentieke aanpak appreciëren.”
De cijfers lijken het aanvoelen van Marc De Boey alvast te bevestigen. De eerste weken waren een groot succes, mede dankzij de paasvakantie en de mooie lentezon. “Constant zaten er 200 à 300 mensen op het terras, veel meer dan we hadden durven hopen. Tijdens het openingsweekend kregen we bijna 1.000 mensen over de vloer.”
Niet alleen het melkveebedrijf heeft dankzij het ijssalon een nieuwe koers gevonden, ook de familie zelf is hechter geworden. “Dat we dit als familie kunnen doen, geeft veel voldoening. We duwen elkaar vooruit. Ik zorg voor de melk. Mijn vrouw maakt het ijs en onze dochter houdt de winkel draaiende. Ook onze drie andere kinderen steunen ons volop.”