De Oost-Vlaamse detailhandel is goed voor een jaarlijkse omzet van 8,9 miljard euro. Dat blijkt uit de 4de feitenfiches detailhandel die de provincie aan de gemeenten bezorgd. Deze geven een gedetailleerd overzicht van het lokale winkelaanbod, het profiel van de consument en het klantenbereik. Bijna 30.000 werknemers zijn tewerkgesteld in de Oost-Vlaamse detailhandelssector. Nog eens 21.400 personen zijn er actief als zelfstandig winkelier of helper. In de horecasector zijn 24.400 personen werkzaam.

Oost-Vlaanderen telt ruim 28.300 verkooppunten in de detailhandel, horeca en consumentgerichte dienstverlening. Dit is een daling van het aantal commerciële panden in de provincie van 3,2% tijdens de voorbije 5 jaar. Het winkelvloeroppervlak is daarentegen in dezelfde periode met 4% gestegen tot 2,96 miljoen vierkante meter.

Vooral in perifere baanwinkelconcentraties en retailparken is veel nieuw aanbod gecreëerd, vaak ten nadele van de kernwinkelgebieden in de gemeenten. In 2016 hebben de provincies Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Vlaams-Brabant het EFRO-project Baanwinkels en gemeenten op één lijn opgestart. Samen met de betrokken gemeenten langsheen de steenwegen N70 Gent – Antwerpen en N10 Lier – Aarschot, twee steenwegen die gelden als typevoorbeelden, worden een langetermijnvisie en deelactieplannen opgemaakt.

De provincie Oost-Vlaanderen heeft met gemiddeld 8% leegstaande commerciële panden een iets lager leegstandspercentage dan Vlaanderen (9%). De grootste leegstand bevindt zich in de kernen met een leegstandspercentage van 10,7%. De leegstand is het laagst in grootschalige detailhandelsconcentraties en shopping centra (4%).