Jannes Maes wordt voorzitter van CEJA, de Europese koepel voor jonge land- en tuinbouwers. Dat heeft de algemene vergadering van de organisatie beslist. “Ik wil de stem en uitdagingen van Europese jonge boeren verder op de kaart te zetten. Daarvoor zal ik samen met het bestuur werk maken van een duidelijke standpuntvorming, een versterkt netwerk en een goede interne werking. Het is van groot belang dat jonge boeren alle kansen krijgen”, zegt de 25-jarige landbouwer uit Aalter.

Jonge land- en tuinbouwers zijn via hun belangenverenigingen in eigen land aangesloten bij CEJA. Op die manier vertegenwoordigt de koepelorganisatie de belangen van zowat één miljoen boeren uit 24 lidstaten. De aankomende twee jaar zal Jannes Maes deel uitmaken van het vijfkoppige bestuur. De Nederlandse Iris Bouwers, Christoph Daun uit Duitsland, Tomas Fénix uit Tsjechië en de Ier Sean Finan werden uitgeroepen tot vicevoorzitters.

“Vanwege de nog steeds spaak lopende generatiewissel is onze ambitie veel groter dan simpelweg behouden wat er is. Voor elke maatregel uit de eerste en tweede pijler van het landbouwbeleid zou Europa zich moeten afvragen wat het effect op jonge landbouwers is. En de tweede vraag die zich stelt, is wat het beleid extra kan doen voor jongeren”, verduidelijkt Jannes Maes.

Sinds 2015 is Jannes Maes internationaal vertegenwoordiger van de Groene Kring, de vereniging voor jonge boeren en tuinders in Vlaanderen. In diezelfde periode was hij ook al CEJA-vicevoorzitter. “De voorbije drie jaar werkte ik naast mijn functies in verschillende verenigingen ook als manager op het ouderlijk melkveebedrijf in Aalter. De komende twee jaar wil ik het CEJA-voorzitterschap combineren met dat werk tijdens de weekends en bij arbeidspieken, alsook met een deeltijdse functie bij producentenorganisatie VPOV”, besluit Jannes Maes.